Erik de Jonge
Thomas de Man
Thomas de Man
Online redacteur

Erik de Jonge is boswachter in ‘het Wilde Westen van Brabant’.

Eva Jinek en Jeroen Pauw reizen door Nederland voor ‘Pauw & Jinek: De Verkiezingen’. De online redactie reist met ze mee en checkt onderweg wat er leeft onder de bevolking. We maken een stop in West-Brabant. Het zuiden van Nederland kampt met de gevolgen van een groeiende drugsindustrie. Ook boswachter Erik ondervindt hier de gevolgen van

Erik de Jonge
Foto: Nick Franken

Erik de Jonge (36) wordt gebeld door een handhaver van de gemeente Roosendaal. Een boer heeft melding gemaakt van een stel jerrycans aan de rand van zijn weiland. ''De vaten stonden nog overeind. Een nette dumping noemen we dat'', vertelt hij.

Tientallen keren per jaar krijgt Erik de Jonge een melding als deze. Hij is boswachter voor het Brabants Landschap. Zijn eerste prioriteit is het verzorgen van de terreinen. “‘Daar hoort alles bij wat nodig is om de kwetsbare natuur die we in eigendom hebben te beheren en uit te breiden”’, vertelt Erik. Maar tegenwoordig is hij steeds meer tijd kwijt aan het opruimen van drugsafval. ‘Het Wilde Westen van Brabant’, zo noemt hij zijn gebied in het westen van die provincie.

Recordjaar
Terwijl ik hem spreek aan de telefoon is hij onderweg naar een afvaldumping. Het lijkt te gaan om een lozing van drugsafval. Alweer. In West-Brabant zijn dit jaar al acht lozingen ontdekt van synthetisch drugsafval. Vaak gaat het om de restproducten van MDMA, maar ook van speed en coke.

Vorig jaar ging het in totaal om vijftig lozingen - opnieuw een recordaantal. Nergens in Nederland wordt zoveel gedumpt. Naast giflozingen wordt er ook afval van huishoudens, wietteelt en asbest gevonden. Maar de resten van synthetische drugs zijn het grootste probleem: het verwoest hele stukken natuur en het opruimen kost natuurorganisaties en landeigenaren keer op keer duizenden euro’s.

Drugsafval en natuurbehoud staan hoog op de agenda in Brabant tijdens de Provinciale Statenverkiezingen.

Synthetisch drugsafval
Synthetisch drugsafval

Inmiddels is Erik aangekomen op de dumpplek en stuit hij op een aantal productie-apparaten. Erik: ''Ze lijken op wasmachines met allerlei knoppen en slangen.'' Hij maakt foto’s en zorgt dat de politie op de hoogte is. Die kijken vervolgens van wie de grond is, want de landeigenaar is verantwoordelijk voor de sanering en de kosten. In veel gevallen zijn het lokale boeren of het Brabants Landschap die hiermee te maken krijgen.

Als er drugsresten worden gevonden in het gebied van Erik, moet hij zorgen dat de grond wordt schoongemaakt (door een particulier bedrijf). Meestal zijn het jerrycans met giftige vloeistoffen. Als die gaan lekken, moet de grond soms wel anderhalve meter worden uitgegraven. Zoiets kan soms dagen in beslag nemen.

De impact van zo’n lozing is groot. Niet alleen op de natuur, maar ook op de bewoners. Een paar maanden geleden werd Erik geconfronteerd met een groot vat synthetisch drugsafval dat was gaan lekken naast een druk fietspad. De dampen die vrijkomen kunnen levensgevaarlijk zijn. Daarom moet ook Erik waakzaam zijn: ''Als ik die typische weeïge geur van een drugslozing ruik, weet ik dat ik op dat moment te dichtbij sta en afstand moet nemen.''

Synthetisch drugsafval
Synthetisch drugsafval

De langetermijneffecten van giflozingen op de natuur zijn onbekend. Volgens de boswachter is daar geen onderzoek naar gedaan. Maar dat de schade enorm is, ziet hij iedere dag opnieuw. Het complete bodemleven van een plek wordt verwoest. En als vloeistoffen in het water belanden, is de flora en fauna vaak blijvend aangetast. Erik: “We hebben hier op de Brabantse Wal een plek waar tien jaar geleden een lozing is geweest. De vegetatie van dat stukje natuur is compleet veranderd en blijvend beschadigd. Een deel van de planten en struiken zijn nog steeds niet hersteld en de vissen die er zwommen zijn verdwenen.”

Wie betaalt?
De provincie heeft een tijdelijke regeling ingesteld waardoor de helft van de kosten worden gedekt. Maar die regeling loopt af. Het is onduidelijk wie er in de toekomst verantwoordelijk zal zijn voor die saneringskosten. De provincie en het Rijk wijzen naar elkaar. “Een hiaat in de wet”, vindt Erik. Hij pleit er daarom voor dat de overheid in de toekomst zo’n regeling financiert, maar concrete toezeggingen zijn er niet.

De lozingen kosten het Brabants Landschap honderdduizenden euro’s per jaar. Geld dat Erik veel liever zou besteden aan andere dingen: “Bijvoorbeeld aan projecten om bijenpopulaties in stand te houden, want daar gaat het niet goed mee. En dat is waar ik me als boswachter mee wil bezighouden, in plaats van met de (levensgevaarlijke) rotzooi van anderen.”

Lees ook de verhalen van mensen die wij spraken in Groningen.