koppen telegraaf
Foto van Eva Jinek

Wat de koppen van de Telegraaf zo geniaal maakt

De koppen van de Telegraaf hebben maar één doel: prikkelen tot lezen. Dat doen ze in chocoladeletters, met slimme zinsneden en grappige woordspelingen. Jean-Pierre Geelen, columnist bij de Volkskrant, heeft zich op deze koppen gestort. Samen met Mariëtte Wolf, schrijver van het boek ‘Het geheim van de Telegraaf’, duiken ze dieper in de koppen boven de verhalen.

Still from video

Jean-Pierre Geelen heeft enorme lol in het lezen van een mooie "woordvondst", de Telegraaf is daar volgens hem het best in. Ze hebben het een beetje uit de Angelsaksische wereld, daar doet de pers niet anders. Maar hij geeft toe dat wel een beetje dubbel is. "De gemiddelde Telegraafkop heeft wel iets oubolligs, het genre 'KLM in duikvlucht'. Maar als ik voldoende melig bent, kan ik er ook daar wel om lachen."

De Telegraaf als voorloper

Volgens historicus Mariëtte Wolf loopt de Telegraaf al sinds de oprichting in 1893 voor de troepen uit wat innovaties betreft. Die werden vooral uit de Angelsaksische wereld geadopteerd. Pas vanaf de jaren 50 zie je volgens haar die speelsheid in de koppen. "Koos Stokvis, de hoofdredacteur van toen, was vanaf de jaren 30 correspondent in Engeland. Hij had één doel. Dat was een opwindende krant te maken." 

Youp had ze kunnen bedenken

Inmiddels zijn de Nederlandse kranten steeds meer op elkaar gaan lijken en lijkt het steeds moeilijker om je van elkaar te onderscheiden. Volgens Jean-Pierre Geelen geldt voor sommige Telegraafkoppen dat als Youp van 't Hek ze had bedacht en gepubliceerd had in de NRC, ze als geniale vondsten zouden zijn beschouwd.