Serena Williams tijdens de US Open finale, Getty Images
Foto van Eva Jinek

Vrouwen mogen wel wat vaker boos worden, betoogt deze schrijver

De hele wereld had het over de US Open. Niet vanwege het spannende potje tennis, maar vanwege een boze Williams die haar racket aan gort sloeg. Best vreemd, vindt schrijver Soraya Chemaly. Want juist vrouwen zijn gebaat bij wat vaker boos worden.

Serena Williams tijdens de US Open finale, Getty Images
Serena Williams tijdens de US Open finale, Getty Images

Woede, verontwaardiging en wrok worden doorgaans als negatieve emoties bestempeld. Onterecht, want ze zijn een belangrijk onderdeel van ons overlevingsinstinct. Volgens The Guardian werken ze eigenlijk werken als graadmeter. Ze laten ons zien wanneer onze grenzen worden overschreden. Deze emoties maken je duidelijk wanneer je ‘nee’ moet zeggen.

Dus een gezonde woede-aanval of boze bui is zo slecht nog niet. “Toch worden vrouwen al vanaf kleins af aan geleerd dat je deze emoties moet onderdrukken”, zegt schrijver Soraya Chemaly. En volgens haar is het de hoogste tijd om die regel overboord te gooien en de woede lekker de vrije loop te laten.

Het is nodig voor verandering

Woede en boosheid zijn namelijk cruciaal als je verandering wil bewerkstelligen. “Het is een ‘actieve emotie’, één die erkenning en verandering opeist”, legt Chemaly uit. Haar pleidooi voor meer boosheid heeft de schrijver uitgewerkt in haar nieuwe boek ‘Rage becomes her: the power of women’s anger’.

In haar boek legt Chemaly uit dat waar vrouwen hun boosheid vaak weg moesten drukken of negeren, deze emotie juist wordt toegejuicht bij mannen. Bij hen wordt woede vaak als goed en nuttig bestempeld. Het is soms nodig om leiding te geven en om je naasten te beschermen. Dat ligt volgens The Guardian heel anders bij vrouwen. “Van meisjes wordt verwacht dat ze prioriteiten stellen als het gaat om hun emoties. Woede is daarin altijd ondergeschikt aan de gevoelens van anderen”.

‘Natuurlijk werd Serena boos’

“Daarom is het voorbeeld van Serena Williams ook zo relevant” legt Chemaly uit. “Natuurlijk werd ze boos toen de scheidsrechter haar beschuldigde van valsspelen. Maar de media deed het voorkomen alsof ze volledig uit haar slof schoot.”

Serena Williams sloeg haar racket stuk tijdens de finale van de US Open, Getty Images
Serena Williams sloeg haar racket stuk tijdens de finale van de US Open, Getty Images

“Maar mannelijke tennissers die boos zijn, worden vaak neergezet als ‘charismatische bad boys’,” beargumenteert de schrijver. “Dat is oneerlijk, want Williams krijgt nooit het voordeel van de twijfel.” Tel daarbij op dat Williams een zwarte vrouw is en je ziet dat er een duidelijk verschil in beeldvorming ontstaat.

Je mond opentrekken helpt

Om een beeld te krijgen van boosheid bij vrouwen, gebruikt Chemaly veel voorbeelden uit haar eigen leven. Zo kan ze zich nog goed herinneren wanneer ze zelf voor de eerste keer kookte van woede. “Ik was denk ik een jaar of acht en zat met mijn ouders aan tafel. Na het eten zei mijn vader dat ik op moest staan om mijn moeder te helpen met afruimen. Mijn zesjarige broertje keek me met een grote grijns aan omdat hij wél mocht blijven zitten”, vertelt ze. “Ik weigerde en zei tegen mijn vader dat ik alleen af zou ruimen als mijn broertje dat ook zou doen. En dat werkte.”

Maar de schrijver kan zich ook genoeg momenten herinneren waarop zij of haar moeder boos was, maar daar niets mee deed. Zoals de keer dat haar moeder in stilte het servies uit het raam gooide om op die manier haar woede kwijt te raken.

Jongens zijn boos, meisjes verdrietig

Hoe precies om te gaan met boosheid wordt er al vroeg ingeprent. “Als een jongensbaby huilt dan is hij boos of gefrustreerd, een meisjesbaby wordt dan als verdrietig bestempeld”, volgens Chemaly. In haar boek wordt woede niet als de ziekte bestempeld, maar juist als het medicijn. “Het leven is soms om gek van te worden, boos worden en je frustratie uiten kan dan helpen”, schrijft Kahn.

Het leven is soms om gek van te worden, boos worden en je frustratie uiten kan dan helpen

Soraya Chemaly, schrijver

Niet alle vrouwen hebben dezelfde problemen

Ook als je naar woede kijkt, is het volgens Chemaly belangrijk om onderscheid te maken tussen de verschillende achtergronden en ervaringen van vrouwen. “We moeten niet een ‘one-size-fits-all feminisme’ willen nastreven. Dat gaat nooit werken”, zegt ze en vervolgt: “Mensen waren verbaasd dat zoveel hoogopgeleide witte vrouwen op Trump hebben gestemd, maar die vrouwen hebben óók problemen. Met hun stem voor Trup probeerden ze op een constructieve manier hun woede te uiten”.

Maar de oplossing voor de één kan natuurlijk ten koste gaan van de ander. De schrijver beseft zich maar al te goed dat sekse, culturele achtergrond, opleiding en sociale klasse voor veel mensen gevoelige onderwerpen zijn, waar ze maar moeilijk over kunnen praten. “Toch schuilt er een belangrijke les in, dus we moeten het bespreekbaar maken,” vindt ze.  

Collectieve woede kan verschil maken

Dat betekent absoluut niet dat we onze woede en frustratie moeten parkeren. Vrouwen moeten deze emoties juist de vrije loop laten en samenwerken om de collectieve boosheid om te zetten in blijvende verandering. “Als je kijkt naar de geschiedenis van het feminisme zie je dat het werkt,” wordt in The Guardian beaamt.

Als je een duik neemt in de geschiedenis, kom je er al snel achter dat veel veranderingen voortkomen uit woede. Neem bijvoorbeeld de feministische golven waarin werd gevochten voor vrouwenstemrecht en het recht op abortus.

Maar niet alleen de overduidelijke voorbeelden zoals de feministische golven kwamen voort uit woede. Er zijn ook een paar verborgen pareltjes in de geschiedenis van vrouwelijke woede te vinden. Neem bijvoorbeeld de Amerikaanse drooglegging. Veel mensen dachten dat die te maken had de hoge maatschappelijke kosten die gepaard gingen met overmatig alcoholgebruik.

Volgens Chemaly zat er echter iets anders achter: “Het was niet een strijd tegen alcohol maar tegen huiselijk geweld. Veel mannen dronken té veel en werden vervolgens onhandelbaar en agressief. Maar omdat dit een privésituatie betrof, mochten hun woede niet publiekelijk uiten, al was die collectieve boosheid de echte drijfveer achter de drooglegging.”.

Demonstratie voor vrouwenrechten in Berlijn, Getty Images
Demonstratie voor vrouwenrechten in Berlijn, Getty Images

Het middel, niet het doel

Ook anno 2018 heeft het nog zin om boos te worden, denkt de schrijver. Dat heeft #MeToo opnieuw bewezen. “Maar ik wil wel benadrukken dat woede alleen een middel is. Het doel van feminisme is uiteindelijk om kennis te verspreiden, vertelt Chemaly aan The Guardian.

‘Rage becomes her’ is bedoeld als aanmoediging voor vrouwen om wél je mond open te trekken. Want als je het ergens niet mee eens bent, mag je dat best zeggen. Sterker nog, als we de handen ineen slaan, dan kan ons eigen kleine beetje boosheid soms een hele grote verandering teweeg brengen.

Bron: 
The Guardian