Foto: Maura Silva, Unsplash
Foto van Eva Jinek

Rebelleren kun je leren (en dat legt je geen windeieren)

“Veel mensen gedragen zich als een kudde schapen op de werkvloer,” aldus professor Francesca Gino. En dat is zonde, want de rule-breakers zijn vaak heel succesvol in hun werk en privéleven. Hoog tijd voor een lesje rebelleren dus.

Foto: Maura Silva, Unsplash
Foto: Maura Silva, Unsplash

“Waarom hebben rebellen toch zo’n slechte reputatie?” vraagt BBC-journalist Thomas Lewton zich hardop af. Waarschijnlijk komt het omdat we het woord associëren met vandalisme, diefstal, gevaar. Of gewoon met mensen die simpelweg niet mee willen werken.

Maar volgens Lewton zijn deze stempels lang niet altijd terecht. “Het is tijd om een nieuwe definitie te plakken aan het woord ‘rebel’,” pleit de journalist. “Want soms zijn de regelbrekers en de overtreders juist de allerslimsten.”

Het loont om rebels te zijn

En daar is professor Francesca Gino, auteur van ‘Rebel Talent’, het roerend mee eens. In haar boek beschrijft ze hoe ‘rebelleren’ zich, soms letterlijk, uitbetaald in werk en privéleven.

Je hebt de social media cookies niet geaccepteerd.

Om bovenstaande inhoud te bekijken moet je de social media cookies accepteren. Hierdoor kan je social media berichten zien, delen en erop reageren.

Wijzig cookie instellingen

“We leren allemaal dat we in ons werkende leven moeten voldoen aan de status quo. Dat we ons moeten aanpassen aan de meningen en het gedrag van anderen. Dit loopt vaak als een rode draad door onze carrières,” schrijft Gino, die zichzelf omschrijft als een nieuwsgierige gedragswetenschapper, in Harvard Business Review.

“Die druk om ons aan te passen aan hetgeen we al kennen, wordt alleen maar groter naarmate je hogerop komt binnen een bedrijf,” vervolgt de Italiaans-Amerikaanse professor. En dat is overigens niet zo heel vreemd. “Al van jongs af aan leren we dat er een hoop voordelen vastzitten aan het opvolgen van de ‘ongeschreven sociale regels’. Door je te conformeren aan de status quo, voel je je geaccepteerd en onderdeel van de grote meerderheid.”

Fouten maken omdat de rest dat óók doet

Dit klinkt allemaal heel onschuldig en begrijpelijk. En dat is het ook tot op zekere hoogte. Het gevaar schuilt hem in het doorslaan in deze volgzaamheid. Dat onze drang naar het voldoen aan de norm zo groot wordt, dat je nog liever opzettelijk het verkeerde antwoord geeft in de les, alleen omdat de rest dit ook doet.

“Op de werkvloer zie je dit gedrag terug bij mensen die het gedrag van collega’s in eenzelfde soort rol kopiëren. Ze proberen de correcte emoties te tonen, gepaste kleding te dragen en zijn het vaak roerend eens met hun managers om op die manier bijvoorbeeld een verklaring te geven voor een slechte prestatie binnen hun team,” legt Gino uit.

Foto: Drew Graham, Unsplash
Foto: Drew Graham, Unsplash

En hoewel dit misschien goed aanvoelt, heeft het op lange termijn toch meer negatieve consequenties. “Je constant aanpassen aan je omgeving kan in contrast staan met je eigen voorkeuren en overtuigingen,” schrijft Gino. Je kunt niet écht jezelf zijn en hebt als het ware het gevoel dat je poppenkast aan het spelen bent.

Uit onderzoek van Gino is gebleken dat de mensen die zich altijd maar aanpassen op de werkvloer op een gegeven moment vast komen te zitten. Ze zijn minder betrokken en kunnen op na verloop van tijd zelfs niet meer presteren op hoog niveau. “Ze zitten vastgeroest in routine en hebben geen innovatieve ideeën of oplossingen meer,” legt ze uit. Uiteindelijk worden zowel de werknemer als de organisatie hier de dupe van.

Vaak worden de prestaties juist beter als je afwijkend gedrag stimuleert.

Francesca Gino

Je kont tegen de krib gooien

Toch zijn er maar weinig leidinggevenden of managers die afwijkend gedrag stimuleren bij hun werknemers. “Veel managers doen er juist alles aan om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen,” schrijft Gino. En dat is zonde. “Want vaak worden de prestaties juist beter als je afwijkend gedrag stimuleert.”

Het is voor jezelf trouwens ook veel beter om af en toe je kont tegen de krib te gooien. We denken dan misschien wel dat het fijn is om bij de massa te horen, je krijgt in werkelijkheid veel meer zelfvertrouwen door juist tegen de massa in te gaan. Dit komt omdat je veel bewuster bent van de keuzes die je maakt. Het kan je een gevoel geven dat je uniek bent. En dat je echt opvalt.

“Daarnaast stimuleert het je creativiteit en voel je je waarschijnlijk meer betrokken bij je werk,” stelt Gino. Bovendien leiden zelfvertrouwen en creativiteit later vaak tot meer status en aanzien. Een mooi gevalletje win-winsituatie dus.

De volgende keer dat je het eigenlijk niet helemaal eens bent met je baas of je toch liever een andere koers inslaat dan je collega’s voorstellen, mag je dus best je mond opentrekken. Als we professor Gino mogen geloven, betaalt het zich vanzelf uit.

Bron: 
BBC
11 juni 2018 16:30
Bron: 
Harvard Business Review