Lizzy van Hees
Lizzy van Hees
Online redacteur

Ontgroeningen zijn echt niet alleen kommer en kwel

Je zal maar lid worden van een studentenvereniging en worden ontgroend. Als we de media mogen geloven, eindigt dit vaak in een hoop ellende. Redacteur Lizzy van Hees was ook lid en nee, daar heeft ze geen spijt van. Ze legt uit waarom.

Foto: ANP

“Ben jíj lid van het corps?” De vraag gaat doorgaans gepaard met een hoop verbazing en (zo lijkt het) een vleugje afkeuring. Misschien zit de afkeuring alleen tussen mijn oren. En dat is niet zo gek gezien het feit dat de berichten over de Nederlandse studentencorpora de afgelopen jaren een weinig positief beeld hebben geschetst.

Ik antwoord eigenlijk altijd met een volmondig “ja”. Ik hoef me tenslotte nergens voor te schamen, toch? Ik heb in 2010 een weloverwogen (en geheel vrijwillig) besluit genomen om lid te worden van het A.S.C./A.V.S.V. (oftewel het Amsterdams Studentencorps). Een besluit waar ik persoonlijk nooit spijt van heb gehad. Nee, ook niet tijdens die vervelende ontgroening.

Ontgroening niet meer van deze tijd

De mystiek rondom het corps en haar leden hebben geleid tot een grote fascinatie, maar ook tot een hoop afkeuring. Geluiden in de trant van ‘ontgroenen is toch niet meer van deze tijd?’ of ‘je hebt die vereniging toch niet nodig om vrienden te maken?’ klinken overal. En ja, ook daar is wat voor te zeggen.

Toch is naar mijn mening té makkelijk om studentenverenigingen en ontgroeningen af te doen als elitair, overbodig en ouderwets. Waar is het individu in deze kwestie? Studenten maken de keus om lid te worden in de wetenschap dat ze ontgroening part of the deal is. Dat dit laatste redelijk en vooral veilig moet gebeuren, valt uiteraard wél onder de verantwoordelijkheid van de vereniging en haar leden.

Schandalen

Helaas is dat een paar keer goed misgegaan. Toen Stijn Derksen (23) in 2016 rector werd van de studentenvereniging Vindicat, realiseerde hij zich waarschijnlijk niet dat dit één van de grootste uitdagingen van zijn leven zou worden. De schandalen volgden elkaar snel op: een lijst met ‘hete herten’ (inclusief telefoonnummers) lekte uit en een jongen belandde in het ziekenhuis met hersenletsel door toedoen van een Vindicat-lid. Voor dit laatste eiste het OM 180 uur taakstraf en een voorwaardelijke celstraf van 90 dagen.

Maar ook dit collegejaar duurde het niet lang voordat de Groningse studentenvereniging het nieuws haalde toen een aantal studenten een sushirestaurant vernielden. Al met al zijn de Nederlandse studentencorpora - en Vindicat in het bijzonder -  lange tijd voer voor het Nederlandse voorpaginanieuws.

Cultuurverandering bij Vindicat

Inmiddels is Derksen rector-af en besloot hij in een interview aan De Volkskrant zijn ervaringen te delen. Hij geeft aan dat er veel veranderingen zijn doorgevoerd binnen de vereniging. Vooral met het oog op seksisme en fysiek geweld. Beiden worden volgens hem niet meer getolereerd binnen de cultuur van Vindicat.

Vernedering is subjectief

De reacties op het artikel liegen er niet om. Veel mensen vermoeden dat Vindicat alleen maatregelen heeft getroffen om haar subsidie niet te verliezen. Derksen krijgt bovendien commentaar op zijn opmerking over vernedering en dat dit maar ‘subjectief’ is. Deze opmerking lijkt inderdaad misschien omslachtig. Maar het punt wat Derksen probeert te maken, begrijp ik wel. Wat voor de één voelt als vernedering, kan de ander ervaren als een grap. Daarom is het belangrijk altijd te blijven evalueren in hoeverre de cultuur binnen een vereniging past in de maatschappij waarin we leven. En daarmee moeten sommige grenzen opnieuw gedefinieerd worden.  

Sociëteit Mutua Fides. Foto: ANP

Het lijkt wel of er twee kampen zijn ontstaan: de mensen die gruwelen van het corps en haar praktijken en de mensen die er zelf bij hebben gezeten en het erbij vinden horen. Ik denk zelf dat het genuanceerder ligt. En daar ben ik niet de enige in. Journalist Cathelijn Paling schreef in een opiniestuk in De Volkskrant over haar gemengde gevoelens wanneer ze negatieve berichten leest over studentencorpora.

Goede herinneringen

Paling is zelf corps-lid geweest in Utrecht en koestert goede herinneringen aan haar studententijd. Het beeld wat in de media wordt geschetst is volgens haar vaak eenzijdig. Al zijn er volgens Paling zeker grenzen aan wat er door de beugel kan:

“Het moet niet kunnen dat jonge meisjes zich geïntimideerd voelen of worden uitgemaakt voor hoer. Het moet niet kunnen dat onschuldige eerstejaars oprecht geloven dat de galamos (red. de ongeschreven regel dat je als meisje naar bed gaat met de jongen die je meeneemt naar een gala) een 'moetje' is. En het moet al helemaal niet kunnen dat een nuldejaars die ontgroening loopt, niet naar huis gaat met een paar 'wijze' lessen, maar naar het ziekenhuis. Met nota bene blijvend hersenletsel.”

Uit je comfortzone

De positieve kant wordt volgens Paling niet vaak genoeg belicht. Tien jaar na haar studententijd heeft zij nog steeds contact met de beste vrienden die ze leerde kennen tijdens haar studententijd. Haar huisgenoten beschouwt ze als ‘de zussen die ze nooit heeft gehad’.

Het moet niet kunnen dat jonge meisjes zich geïntimideerd voelen of worden uitgemaakt voor hoer.

Cathelijn Paling

Maar het corps betekende voor Paling meer dan het kweken van diepe wortels van socialiteit en het maken en onderhouden van vriendschappen: “Ik was vrij onzeker, maar bouwde daar zelfvertrouwen op. Het corps zet je soms goed voor het blok (of in een gekke tutu met een apenmasker op, op de planken) maar dat hoeft niet per se slecht te zijn. Het trekt je uit je comfortzone.”

Begrenzen

Op het moment dat ze aankwam in Utrecht was ze “naïef, jong en lekker kneedbaar,” zegt Paling over zichzelf. Op zo’n moment ben als groentje dan ook heel makkelijk te intimideren. Maar dit hoeft niet slecht te zijn volgens Paling. Het leerde haar namelijk iets heel belangrijks: begrenzen.

Foto: ANP

“Het corps is dé plek waar mensen hun grenzen op zoeken, en dat is maar goed ook. Want bovengenoemde voorvallen - die ook gebeuren door gebruik van drugs of alcohol elders - kunnen maar beter gebeuren binnen zo'n hechte ledenclub, dan ergens in een flat op de Uithof, met nul sociale controle en alle gevolgen van dien.”

Clichés zijn er met een reden

Als je mij vraagt of ik de ontgroening leuk vond, kan ik heel eerlijk zijn: nee. Maar op die momenten waarop je je onzeker, ongemakkelijk, of gewoon moe voelt, voelde ik me tegelijkertijd nóóit alleen. Er zijn in mijn geval geen grenzen overschreden en gelukkig kon ik er vaak zelfs de humor van inzien.

Wat ze zeggen is waar: je krijgt er veel voor terug. En ja dat klinkt als een cliché (dat is het ook). Maar net als alle andere studentenverenigingen, studieverenigingen, sportclubjes, wereldreizen en ga zo maar door, is dit een manier om je als student te ontwikkelen buiten de collegebanken. Om jezelf te ontplooien en vrienden te maken voor het leven.

Ja, sommigen tradities en gebruiken zullen misschien aangepast of bijgeschaafd moeten worden, omdat ze niet meer van deze tijd zijn. Hierin is het de verantwoordelijkheid van alle leden om bij te dragen aan een vereniging die normen en waarden handhaaft waar je met trots achter kunt staan. Maar gooi alsjeblieft niet het spreekwoordelijke kind met het badwater weg.

Bron: 
De Volkskrant
Bron: 
De Volkskrant