Anoek Hofkens
Anoek Hofkens
Online redacteur

Eva’s lievelings zelfhulpboek bracht haar ver, en jou nu ook

Eva houdt ervan: zelfhulpboeken. En één in het bijzonder: Nice girls don’t get the corner office. Een cadeau van haar vader dat ze nog steeds koestert. Dit zijn de tips die haar hebben geholpen en nog steeds helpen (en daar heb jij vast ook wat aan).

Foto: Leander Jansen

Eva: “Wat je waarschijnlijk nog niet over mij weet is dat ik van zelfhulpboeken hou. Ik verslind ze, ik verzamel ze. Niet omdat ik vind dat ik helemaal anders moet worden, of omdat ik wanhopig ben, maar omdat ik nieuwsgierig ben, omdat ik geloof dat alles altijd wel nog iets beter kan, en omdat ik ze gewoon niet kan weerstaan. De klinkende titels, de schreeuwerige beloftes, het Amerikaanse vooruitgangsdenken wat ervan druipt. Je begrijpt, ik heb inmiddels een hele verzameling.

De één is natuurlijk beter dan de ander, maar heel af en toe kom je er een tegen waar je écht wat aan hebt, langdurig. Ooit kreeg ik deze cadeau van mijn vader en zolang als ik werk, inmiddels zo’n 15 jaar, lees ik er regelmatig in omdat de lessen onverminderd relevant blijven.

Foto: Natalia van der Zalm
Foto: Natalia van der Zalm

Misschien heb je er al eens van gehoord, of mee in je handen gestaan, want het is al jaren een bestseller (het is namelijk stokoud). Ik heb het over: Nice girls (still) don’t get the corner office; unconscious mistakes women make that sabotage their careers’ van Lois P. Frankel. Het is de herziene en geupdate versie uit 2004 gebaseerd op de fossiele oorspronkelijke druk die verscheen in 1976 (twee jaar voordat ik werd geboren).

De ene misstap na de andere

Frankel presenteert in dit boek dé 133 fouten die vrouwen maken op de werkvloer. Stuk voor stuk voorbeelden van het gedrag dat vrouwen tegenhoudt in hun carrières. Dat klinkt heftig, 133 fouten! Maar ze schrijft er meteen bij: niemand maakt ál die fouten, en nog belangrijker: die fouten staan er in om vervolgens – zoals een goed zelfhulpboek betaamt – tips te geven over hoe het beter kan.

Uitgangspunt van Frankel is het feit dat vrouwen - over het algemeen – één ding heel belangrijk vinden: we willen dat iedereen ons aardig vindt. We wanna be nice girls!

Met alleen aardig zijn, ga je het niet redden

Eva Jinek

Het is niet genoeg

Frankel: “Al van kleins af aan wordt meisjes verteld dat hun welzijn en succes afhankelijk zijn van de manier waarop ze zich gedragen. Als je beleefd, vriendelijk en inschikkelijk bent, en je vooral richt op het onderhouden van relaties, komt het allemaal wel goed.” En we geloven het. Want het wordt continu bevestigd. Door aardig en vriendelijk te zijn, komen we ver. Het is natuurlijk ook goed om aardig te zijn. Het gaat er alleen om dat als je succesvol wilt worden, het gewoon niet voldoende is. Denk er om: het gaat er niet om dat je niet aardig moet zijn! Juist wel, maar met alleen aardig zijn ga je het niet redden!

Tijd om eerlijk te zijn

Misschien ga je nu al uit je pan omdat je helemaal niet aardig gevonden wil worden, dat kan. Het uitgangspunt dat Frankel omschrijft is confronterend, maar ook behoorlijk generaliserend.

Want er zijn vast ook genoeg mannen die maar al te graag aardig gevonden willen worden en zat vrouwen die zich helemaal niet in het door haar geschetste beeld herkennen. Maar voor mij werken haar tips en wie weet voor jou ook.

Foto: Natalia van der Zalm
Foto: Natalia van der Zalm

Hier zijn mijn vijf favoriete, herkenbare fouten die Frankel in haar boek omschrijft. Uiteraard mét de tips om je op weg te helpen.

Fout 1. Stoppen zodra je weerstand voelt

Ook ik ben bekend met weerstand. Toen ik voor het eerst een late night talkshow mocht presenteren – ik zit nu in mijn 13e maand – wisten mensen niet hoe snel ze daar een oordeel over moesten vellen. De kritiek was behoorlijk pittig. Het ging over alle mogelijke randvoorwaarden: de setting (lees: mijn beruchte bank), wat ik aanhad (rok of broek, en oh wee als het een LEREN ROKJE was), mijn ex-vriendjes.

En ik werd een ijskoningin genoemd. Een jonge blonde vrouw die op televisie kritische vragen stelt, nee dat ging er niet zomaar in. Ik zou het omschrijven als een muur van weerstand. Toen heb ik wel eens gedacht: ‘Ben ik hiertoe op aarde, om dit allemaal te incasseren?’

Fluitend van een glijbaan is meestal niet de weg omhoog

Eva Jinek

Frankel zegt dat heel veel vrouwen op zo’n moment zeggen: forget it. En dan bedoelt ze het moment waarop ze een stap hebben gezet in hun carrière, maar dat de weerstand die daarop volgt zó groot is, dat ze liever stoppen dan doorzetten. Ik kan daar een heel eind in meekomen.

Maar ik heb een andere keuze gemaakt: ik heb volgehouden. En natuurlijk ben ik er nog lang niet. Weerstand hoort bij zichtbaarheid, en ook ik zoek naar een slimme manier om daar goed mee om te gaan. Zonder dat het demotiveert of schade aanricht.

Maar wat ik inmiddels wél zeker weet is dat je dat proces door moet om ergens te komen. Fluitend en lachend van een glijbaan is meestal niet de weg omhoog. Iets breders, iets groters, iets wat voor jou meer betekenis heeft, daar moet je naartoe klimmen, ook door de weerstand heen.

Foto: Natalia van der Zalm
Foto: Natalia van der Zalm

Je bent echt geen kreng

Frankel schrijft: “Knoop dit goed in je oren: het tegenovergestelde van een aardige meid is niet een kreng - het is een succesvolle vrouw. En die overgang roept weerstand op. Want een succesvolle vrouw zet haar eigen doelen op nummer één, en niet de wens om vooral aardig gevonden te worden.” Ze is nog steeds vriendelijk, maar weet ook wat ze wil bereiken en gaat daarvoor.

Roept het weerstand op? Mooi, je bent op de goede weg

Eva Jinek

Dat verandert de status quo. Iedereen die baat heeft bij de oude situatie zit helemaal niet op verandering te wachten. Verandering is ook een kwestie van wennen, maar mensen houden het vaak liever bij wat ze al kennen. Zij zullen dus protesteren. Het goede nieuws is dat de meeste vormen van weerstand verholpen kunnen worden. Het is gewoon een onwennig proces waar je doorheen moet.

Tips van Lois Frankel

1.     Roept een handeling weerstand op? Mooi, dat betekent dat je op de goede weg bent. Je komt voor jezelf op en spreekt uit wat jij belangrijk vindt.

2.     Oefen met het omgaan met weerstand in een situatie met weinig risico. Bijvoorbeeld in een restaurant. Stel je hebt iets besteld maar je vindt het helemaal niet lekker. In plaats van het schaapachtig op te eten, stuur het terug en vertel ook waarom. Vind ik zelf nog altijd heel moeilijk. Belachelijk eigenlijk. Maar oefenen met een ‘kleinere’ situatie helpt, want dan kun je later toepassen wat je daarvan hebt geleerd in een situatie waar het er echt om spant.

3.     Stel vragen op het moment dat je weerstand ervaart. Wat is de echte reden dat iemand niet wil dat je verandert? Vaak kun je daardoor toewerken naar een situatie die voor beide partijen werkt.

Foto: Natalia van der Zalm
Foto: Natalia van der Zalm

Fout 2. ‘Hoi mijn naam is sorry’

Soms lijkt het alsof ‘sorry’ mijn voornaam is. Sorry, mag ik je wat vragen? Sorry dat ik te laat ben (terwijl het niet aan mij lag). ‘Sorry’ is een makkelijke reflex en het is totaal onzinnig. Want waarom maak je jezelf al kleiner aan het begin van je zin? En deze dan: ‘sorry, maar ik zie dat anders’. Waarom verontschuldig je je voor je mening?

Als ik er niet specifiek op let, begin ik om  de haverklap met ‘sorry’, maar het dient totaal geen doel. Ik maak mezelf er alleen maar kleiner mee, en het slaat nergens op dus ik  probeer ermee te stoppen. Bijkomend voordeel: je krijgt ook geen inflatie van het woord ‘sorry’. Want als dat je het 2000 keer per dag gebruikt, betekent het eigenlijk niets meer.

Het werkt de verkeerde indruk

Frankel: “Of je nu tegen een vreemde aanstoot op straat of met een collega kletst bij het koffiezetapparaat, een vrouw is sneller geneigd ‘sorry’ te zeggen dan een man. We gebruiken het vaak om confrontatie met het werkelijke probleem te vermijden. De gebrekkige communicatie van de ander bijvoorbeeld (‘sorry, ik heb je vast verkeerd begrepen’). Het is een conflictvermijdende techniek, maar wel één die doet lijken dat jij verkeerd zit terwijl dat niet zo is.”

Tips van Lois Frankel

1.     Tel de keren dat je onnodig ‘sorry’ zegt en zorg dat het aantal radicaal omlaag gaat. Verontschuldig je alleen als je écht een fout hebt gemaakt. En geloof me, dat komt niet vaak voor.

2.     Als je dan een keer een fout maakt, verontschuldig je één keer en ga dan over op het bedenken van een oplossing.

3.     Stop met het bijvoorbaat al sorry zeggen als manier om aardig over te komen (‘sorry dat ik je even stoor…’). Start een gesprek op basis van gelijkwaardigheid. Ook al heeft iemand een hogere positie dan jij, dat betekent niet dat je minder bent.

Foto: Natalia van der Zalm
Foto: Natalia van der Zalm

Fout 3. Wachten tot je krijgt wat je wil

Toen ik bij de NOS de overstap maakte van redacteur naar presentator groeide mijn salaris niet automatisch mee. Ik was binnen gekomen als stagiaire en kreeg vervolgens een prima begin salaris, maar bleef daar heel lang op hangen. Ook toen ik presentator werd. Terwijl ik daarmee een veel groter afbreukrisico nam.

Ik zat ermee en bedacht zelf waar het aan zou kunnen liggen. Wilden ze me alleen tijdelijk als presentator? Word ik straks teruggezet als bureauredacteur? Twijfelen ze aan mijn kunnen? Ik dacht dat ik het niet goed genoeg deed, maar ik vond het ook niet eerlijk. Uiteindelijk heb ik de moed verzameld en ben ik - waarschijnlijk met vlekken in mijn nek - naar de hoofdredacteur gestapt.

Ik zei: ‘Ik ben al een lange tijd geleden overgestapt naar presentatie, ik vraag me af of mijn salaris daar op aangepast kan worden’. Of tenminste, iets in die trant, want het is al een tijdje geleden en precies weet ik het niet meer. Waarschijnlijk heb ik het ook nog schoorvoetend en verontschuldigend gezegd ook. Maar het werkte! Mijn werkgever twijfelde geen moment en maakte het meteen in orde. De eerstvolgende maand kreeg ik salarisverhoging.

Timing is alles. Vraag geen opslag na een ontslagronde

Eva Jinek

Vraag erom, je hebt er waarschijnlijk recht op

Frankel: “Er wordt vrouwen vaak het gevoel gegeven dat ze heel veel vragen terwijl ze dat feitelijk nooit doen. En als ze het toch doen - bijvoorbeeld om een opslag - wordt hen het gevoel gegeven dat ze iets verkeerd doen of er geen recht op hebben. Maar zorg dat je tóch vraagt om wat je wil. Als je het niet doet, zal je niet worden afgewezen, maar krijg je ook niet wat je wilt.”

Tips van Lois Frankel

1.     Bereid je vraag voor. Bedenk wat je wil en waarom. En wanneer je erom vraagt, doe dat dan op een directe manier en voeg daar twee tot drie redenen aan toe die onderstrepen dat je het ook zou moeten krijgen.

2.     Maak onderscheid tussen aardig gevonden worden en krijgen waar je recht op hebt. Vraag je waar je recht op hebt en wordt je daardoor onaardig gevonden? Dan doet diegene alsof in de hoop dat je alsnog je woorden terugneemt.

3.     Kies het juiste moment. Om een opslag vragen vlak na een ontslagronde is geen goed idee. Net als vragen om een overstap naar een andere afdeling terwijl je middenin een belangrijk project zit. Timing is alles.

Foto: Natalia van der Zalm
Foto: Natalia van der Zalm

Fout 4. Je tijd gratis weggeven aan anderen

Op een doorsnee dag bellen 15 mensen mij en heb ik 40 á 50 contactmomenten via whatsapp. Ik wil ze allemaal beantwoorden, het liefst op een persoonlijke betrokken manier. Dat lukt mij alleen niet. Ik loop structureel achter en schiet daardoor tekort bij de mensen om me heen. Dat voelt vreselijk, en ik heb dit nog lang niet opgelost, maar ik weet inmiddels dat ik dit ook moet proberen los te laten. Want iedereen beantwoorden zou uren tijd kosten. En dat heb ik niet. Ik moet een talkshow presenteren!

Zakelijke berichten pak ik nu zo aan. Ik zeg: ‘Ik vind het geweldig wat je zegt, laten we het er binnenkort over hebben.’ Het is oprecht, want dat wil ik. En door er een moment voor te prikken, kan ik effectief tijd besteden aan de mensen om me heen op de momenten dat ik daar ook echt tijd voor heb.

Geen ‘nee’ kunnen zeggen, is de grootste tijdverspiller

Lois Frankel

Soms lukt het, soms lukt het niet. Het is een spier die ik moet trainen, want het liefst luister ik naar iedereen op het moment dat ze me een leuk bericht sturen. Maar als je iets belangrijks te doen hebt, zit er niets anders op.

Je tijd laten verspillen

Frankel: “We worden als vrouwen geacht zorgzaam en vriendelijk te zijn, bla, bla, bla, bla. Nou, ik ben hier om je te vertellen dat dit niet betekent dat je daardoor niet mag opkomen voor je eigen tijd.” Er is een tijd en plaats voor alles, zegt ze. En als je tegen een strakke deadline aan zit en nog honderd dingen te doen hebt, is het niet het moment om te luisteren naar de small talk van je collega. Hoe lief hij of zij ook is.

Frankel: “De drang om iedereen te behagen, geen ‘nee’ kunnen zeggen, is de grootste tijdverspiller voor vrouwen. We houden niet van conflicten en confrontaties. Met als resultaat dat we moeilijk grenzen stellen en niet gauw laten zien wat onze positie is.”  

Tips van Lois Frankel

1.     Stel duidelijk grenzen aan hoeveel tijd je voor iemand hebt. En houdt daarbij in je achterhoofd dat de wereld niet vergaat door dat te doen.

2.     Zodra mensen over je gestelde grens heen gaan (wat mensen onvermijdelijk doen bij vrouwen), dwing dan je eigen tijd af door iets te zeggen als: ‘Zoals ik al zei, ik zou het er dolgraag met je over hebben, maar dat red ik gewoon niet vandaag met mijn werk.’

Foto: Natalia van der Zalm
Foto: Natalia van der Zalm

Fout 5: De laatste zijn die spreekt

Ik ben nu tien jaar op tv. Soms kijken er een miljoen mensen naar mijn programma. Soms interview ik de premier, soms een Hollywoodster. Je zou denken dat ik inmiddels moeiteloos in het openbaar spreek, in grote en kleine gezelschappen. Nou, dat is dus niet zo. Ik vind het ook nog altijd spannend: ik voel al gauw mijn hart sneller kloppen, ik kan ook nog wel eens hartstochtelijk blozen. Maar ik laat het me niet belemmeren mijn mening te delen of een vraag te stellen.

Dat heb ik mezelf aangeleerd in mijn begin jaren tijd bij het NOS journaal. Iedere dag hadden we om 13:00 uur de grote middagvergadering: het moment voor zoveel mogelijk mensen om bij elkaar te komen om de uitzendingen te evalueren en te plannen. Aan de grote vergadertafel zaten de oudgedienden: presentator, eindredacteuren, redacteuren die hun sporen ruim en breed hadden verdiend. Eromheen stond de rest, en meestal aan de buitenste rand de nieuwelingen, stagiaires en beginnende redacteuren zoals ik.

Als je dan iets wilde zeggen vanuit die buitenste ring, moest je je altijd iets naar voren worstelen en je stem verheffen. AWKWARD! Kun je je voorstellen hoe ongemakkelijk dat is? Vast wel.

Wie het eerst spreekt, wordt gezien als meest capabel

Lois Frankel

Maar ik deed het toch, want ik had ideeën. Soms goede, soms slechte, maar ik wist dat ik ze moest delen om gezien te worden. En het had resultaat. Ik maakte carrière bij het journaal, ik mocht klimmen, steeds hoger met steeds meer verantwoordelijkheid.

Pak je moment

Frankel: “Anderen eerst laten spreken, is een grote fout die veel vrouwen maken. En het gebeurt vooral als er ook mannen in de zaal zitten. Of het nu een kleine groep is of een zaal vol, degene die als eerst spreekt wordt gezien als de meest capabele in de ruimte. En krijgt allerlei leiderschapskwaliteiten aangemeten.”

Hoe langer je wacht, hoe groter de kans dat iemand anders zegt wat jij ook dacht en daar de credits voor krijgt. Als je de laatste bent, maak je nog maar weinig indruk. Mensen zijn wel klaar met het vragenrondje en hebben weinig aandacht voor je.

Tips van Lois Frankel

1.     Zorg dat je een van de eerste twee of drie bent die spreekt. En blijf mee doen met het gesprek door elke tien tot vijftien minuten opnieuw iets te zeggen.

2.     Als je niet één van de eersten bent, zorg dan dat je in ieder geval niet de laatste bent.

3.     Je hoeft niet dominant te gaan blaten, tegen je karakter in. Je mag ook een compliment geven of vragen om verduidelijking. Voorkom ten alle tijden dat je spreekt omdat je graag je eigen stem hoort.

Foto: Pim van Boesschoten
Foto: Pim van Boesschoten

Heb je iets aan deze tips? Of herken je een bepaalde situatie? Dan hoor ik heel graag van je. Samen hebben we namelijk alles al een keer meegemaakt en kunnen we echt wel van elkaar leren, en vooral ook met elkaar lachen, uit ongemak en vooral uit herkenning.

En vertel het verder

Deel jouw reactie onder dit artikel op Facebook. Onder de mooiste verhalen verloot mijn redactie het boek van Frankel. We hebben vijf exemplaren weg te geven! Ik kan niet wachten om te horen wat jullie hebben beleefd.

Succes allemaal met het toepassen van de tips! Het leverde mij in ieder geval genoeg spannende momenten op, dus saaier wordt je leven er in ieder geval niet van."