Eva luncht in een ouderwetse diner: "Hier mag ik van mezelf even stoppen"

Het is prijsschieten hier in de glooiende heuvels van Virginia. Ik moet de neiging om bij elk wegrestaurant te stoppen onderdrukken, want anders kom ik nooit ergens aan. De ouderwetse diners langs de weg zijn goudmijnen voor verhalen en hebben heerlijk slecht eten, mijn guilty pleasures die me aan mijn jeugd in Amerika doen denken. 

Foto: Remco Bikkers

“Ik verbaas me erover hoe snel ik de stad vergeet als ik hier rij. Washington DC liet ik vanochtend achter me, maar niets hier herinnert me er nog aan. In de lentezon lijkt Virginia een groen paradijs. Een plek waar je ineens fantaseert over leven op een boerderij of je eigen paarden hebben. Ik kan maar twee radiozenders ontvangen en ik zing mee met country nummers waar ik de tekst helemaal niet van ken.

Een plek waar je ineens fantaseert over een boerderij

Voor een passant is het een paradijs, maar ik weet dat de werkelijkheid voor veel mensen hier heel anders is. Dit is een van de regio’s in de VS die hard is getroffen door het verdwijnen van de kolenmijnen. De mijnen zorgden voor banen en sinds Obama ze heeft gesloten, is de werkeloosheid er hoog. Achter de heuvels en de bossen ligt troosteloosheid op mij te wachten.

Foto: Remco Bikkers

Ik ben onderweg naar het dorpje Hinten in West-Virginia, de aangrenzende staat. Hinten is een aftakelend gehucht aan de New River waar nog af en toe een trein langs raast, en waar zo’n tweeduizend mensen wonen. Decennia lang was West-Virginia een zogeheten blauwe staat. De mensen stemden uit overtuiging en uit loyaliteit op de Democraten. Bij de afgelopen verkiezingen koos een meerderheid van de bewoners echter radicaal anders. Ze kozen Donald Trump. In West-Virginia won hij met de grootste marge van alle staten.

Maar in Hinten ben ik nog niet. Ik rijd over route 66 en de verte zie ik Joe’s Griddle and Grill liggen. Nu mag ik van mezelf even stoppen. Ik bestel een rootbeer float, een medicinaal smakend cola-drankje, met en grote bol vanille ijs en slagroom (ik wéét het) - en een broodje pulled pork, de special van de dag.

Aan de bar raak ik in gesprek met een oudere heer die lief informeert waar ik vandaan kom. Hij komt hier al vijftig jaar, heeft eigenaren zien komen en gaan. "I'm old, but I ain’t cold yet", grapt hij nadat hij me vraagt hoe oud ik wel niet ben. 

I'm old, but I ain’t cold yet

In de eerste jaren dat hij hier kwam, zat hij hier vooral te ontbijten. Als vrachtwagenchauffeur moest hij vaak s' ochtends om 02.00 uur op. Omdat hij zijn vrouw niet zo vroeg wilde wekken, stapte hij dan meteen in zijn truck en schoof hij 10 mile verderop aan, hier bij Joe's.

Foto: Remco Bikkers

Hij vraagt me of ik weleens scrapple heb geproefd, zijn lievelingskostje. Ik heb er nog nooit van gehoord, maar hij is er mee opgegroeid.

Voor scrapple wordt elk laatste stukje van een varken gebruikt, tot aan het staartje en de poten toe. Het vlees wordt gekookt, vermengd met maïsmeel en vervolgens opgebakken in plakken. Ik mag proeven, uiteraard. Laten we het er op houden dat het een smaak is die je uit je jeugd moet kennen om het te kunnen waarderen, dat je van hier moet komen om het te begrijpen. En juist daarom is dit het beste dat ik de hele dag heb gegeten.”