Foto van Eva Jinek

Eva: “Als de steenarend opstijgt, lijkt het alsof de tijd stil staat”

Kun je verpletterd worden door leegte? Door ruimte die zich als een zee voor en boven je uitstrekt, waar geen eind aan lijkt te komen? Ja, op een prachtige manier. Dat heb ik ervaren in Mongolië, waar ik afgelopen voorjaar naar toe mocht met Johnny de Mol voor zijn nieuwe programma Into the Wild.

Foto: Paul Koning

Mijn vriendin Merel Westrik en ik delen veel, maar bovenal onze liefde voor dieren. En daarom nam Johnny ons mee om te ontdekken hoe de Kazachen in het meest afgelegen deel van Mongolië samenleven met hun steenarenden, de vogels die ze van jongs af aan trainen om mee te jagen. Een volwassen steenarend is zo groot en sterk dat hij in staat is een wolf te grazen te nemen, maar meestal jagen de vogels - en de mensen die hen trainen - op konijnen en vossen.

Naast oma op de grond

Omdat we drie dagen moeten reizen om bij de Kazachen te komen, maken we onderweg een tussenstop bij een Mongoolse boerenfamilie. Hun huis, de traditionele ‘ger’, een ronde tent-achtige woning zonder ramen, ligt tegen een berg aan met uitzicht op een schitterende bergketen. Er zijn geen wegen die naar hun huis leiden, ze hebben ook geen adres. Ze leven in isolement op de hoogvlakte, met alleen elkaar en hun dieren.

Foto: Paul Koning

We worden onthaald als oude vrienden. We eten samen en slapen met z’n allen op de grond. Dat betekent: Merel en ik naast oma, vader en moeder, hun dochters en zoontje. En niet te vergeten: de dertien pasgeboren geitjes die in een hoek van de tent liggen omdat ze nog niet bestand zijn tegen de kou.

Vertrouwd, hoe het leven zo anders en zo hetzelfde kan zijn

Mokken onder een sterrenhemel

En wat blijkt? Ook in de Mongoolse bergen heb je de aloude strijd tussen pubers en hun ouders. Als iedereen al hutjemutje in bed ligt, krijgt de oudste dochter van 14 ruzie met haar ouders. Waarover verstaan we niet, maar het is genoeg om haar zo boos te maken dat ze buiten in de kou naast de tent staat te blazen en te mokken. Daar, onder die verlaten sterrenhemel, met nergens om naartoe te gaan. Niet al te veel later kruipt ze weer bij haar zusje in bed. Vertrouwd voelt het, hoe het leven elders zo anders kan zijn en ook zo hetzelfde.

De volgende dag vertrekken we weer. Want uiteindelijk willen we bij de Kazachen en hun steenarend komen. Eenmaal aangekomen zien we dat zij weliswaar in een stenen huis leven, maar ook met verschillende generaties bij elkaar en ook in dichte nabijheid van hun dieren. Dit keer: geiten, schapen, kamelen en paarden.

Reusachtig beest

En nog voordat we uit de auto stappen, horen we hem al: de reusachtige jachtvogel. De steenarend waar we voor komen. En dan zien we hem voor het huis zitten, met een kapje op z’n hoofd. Allemaal diep onder de indruk van het gigantische beest. En vooral Merel, want zij is haar hele leven lang al een nauwkeurige observator en liefhebber van vogels.

Foto: Paul Koning

Verloren nichtjes uit het westen

Deze Kazachse familie ontvangt ons ook weer alsof we hun verloren nichtjes uit het westen zijn. We eten en slapen ook bij hen in thuis. Met Johnny aan de ene kant en onze tolk en haar buurmeisje in het bedje aan de andere kant. Tot diep in de nacht horen we de meisjes gezellig met elkaar fluisteren.

De vogel maakt geen enkel geluid terwijl hij door de lucht glijdt

Maar het absolute hoogtepunt van onze reis is het beleven van de jacht van de steenarend. De Kazachse mannen nemen ons op een stralende, koude lentedag op paarden mee hoog de bergen in. Als een steenarend opstijgt om z’n prooi achterna te gaan, lijkt het eventjes alsof de tijd stopt. De vogel maakt geen enkel geluid terwijl hij door de lucht glijdt. Het is mooi en ook eng om te zien.

Foto: Paul Koning

We zijn niet meer in Amsterdam

Wat we allemaal beleefd hebben, kun je vanavond op tv zien. Voor mij was het in ieder geval een reis om nooit meer te vergeten: Mongolië is beeldschoon en rauw, een exotische uithoek van de wereld waar ik dankzij mijn werk terecht ben gekomen. Het was een compleet andere wereld dan Amsterdam of de studio waar ik zoveel tijd doorbreng.

Alles wat we aten, rook naar geit en schaap

We hebben een week niet gedoucht. Alles, maar dan ook echt alles, wat we aan hadden rook naar geit en schaap. En alles wat we aten rook naar geit en schaap. Toiletten kennen ze daar niet, we hebben duizenden kilometers afgelegd en dagen gereisd, ook over halfbevroren, krakende rivieren, en we hebben sterrenhemels gezien met zoveel sterren dat het leek alsof het niet echt was.

Foto: Paul Koning

Met het allerbeste gezelschap

Johnny is de leukste reisgids die je je kan wensen, maar wat me vooral opviel is zijn ongekende talent om met werkelijk iedereen te communiceren. Volwassenen, kinderen, dieren: het maakt niet uit of hij dezelfde taal spreekt, hij kan contact maken met iedereen, en iedereen aan het lachen maken.

Merel heb ik nog beter leren kennen dan ik al deed: als de bijzondere vrouw die ze is, en de lieve vriendin die ze is. Ik ken weinig mensen die zo grappig zijn als zij, maar ook haar ontroering in het aangezicht van natuur en dier is aanstekelijk: als zij tranen in haar ogen krijgt, krijg ik dat automatisch ook. Ik hoop dat jullie met net zoveel plezier kijken naar onze aflevering van Into the Wild als wij hadden toen we het filmden.